Op deze pagina wordt ingegaan op de taak, werkwijze en samenstelling van de Toetsingscommissie vangnet Participatiewet (hierna te noemen: commissie).

Taak commissie

Tot het budgetjaar 2015 had de commissie tot taak om verzoeken tot IAU en MAU te beoordelen en de minister van SZW te adviseren over de te nemen beslissing. Vanaf het budgetjaar 2015 zijn de IAU en MAU vervallen en kunnen gemeenten een verzoek indienen voor een vangnetuitkering. In het Besluit Participatiewet is de taak van de commissie nu als volgt omschreven: “De toetsingscommissie beoordeelt of een verzoek tot een vangnetuitkering is ingediend middels het formulier, bedoeld in artikel 10, eerste lid, onderdeel a, en of de aanvraag voldoet aan de voorwaarden, genoemd in artikel 10, eerste lid, onderdeel c, en tweede lid, en adviseert Onze Minister daar over.”

Werkwijze Vangnetuitkering 2016

Zie de rubrieken 'Werkwijze' en 'Beoordeling en advisering Toetsingscommissie vangnet Participatiewet', onder onderdeel Vangnetuitkering 2016.

Samenstelling Commissie

Wettelijke regeling: In artikel 9, eerste lid, van het Besluit Participatiewet is geregeld dat de Toetsingscommissie bestaat uit een voorzitter en vier leden. De minister van SZW benoemt de voorzitter en de leden, die tevens door hem kunnen worden geschort en ontslagen.

Samenstelling Toetsingscommissie

Dhr. dr. A. (Aart) Mosterd (Voorzitter)

Benoeming t/m 31 december 2017

Aart Mosterd heeft scheikunde gestudeerd aan de RU Utrecht en is van 1975 tot 1998 leraar scheikunde geweest aan het Comenius College in Hilversum. Hij heeft van 1978 tot en met 1998 in Putten zijn sporen verdiend in de lokale politiek. Eerst als gemeenteraadslid en later ook als wethouder en loco-burgemeester. Daarnaast is hij vanuit het CDA formateur geweest van 5 colleges van burgemeester en wethouders. Als wethouder was hij onder meer verantwoordelijk voor de portefeuilles sociale zaken, volkshuisvesting en bouwzaken, ruimtelijke ordening, volksgezondheid en welzijn en openbare werken. Van 1998 tot eind 2006 was Aart Mosterd lid van de CDA-fractie van de Tweede Kamer. In die hoedanigheid was hij ondermeer belast met de portefeuille sociale zaken, hetgeen betekende dat hij voorzitter van de CDA-fractiecommissie SZW was, alsook woordvoerder voor de dossiers Wet werk en bijstand, Algemene nabestaandenwet en pensioenen. Sedert 2007 vervult/ vervulde Aart Mosterd een aantal maatschappelijke functies, zoals: voorzitter van een provinciale commissie voor het oplossen van de wachtlijsten in de jeugdzorg in de provincie Gelderland, de z.g.n. wachtlijstpolitie jeugdzorg(tot 2011), lid van de Commissie Doelmatigheid in het Hoger Onderwijs uitgaande van de ministerie van OCW en van het ministerie van LNV( tot juni 2015) en lid van het bestuur van de Nederlandse Patiënten en Consumenten Federatie ( tot jan 2016). Verder is hij sinds 2007 voorzitter van een dienstverleningsorganisatie voor de kerken (Kantoor Kerkelijke Goederen en Kantoor Kerkelijke Administraties in Amersfoort.
Sinds 1 september 2007 is hij (plaatsvervangend) lid van de commissie en voorzitter met ingang 1 april 2013.

Prof. dr. S. Zouridis (Lid)

Benoeming t/m 31 december 2017

Prof. dr. Stavros Zouridis is als hoogleraar Bestuurskunde verbonden aan Tilburg University. Zijn onderwijs en onderzoek richten zich vooral op de rechtsstaat in de praktijk. Wat betekent het rechtsstatelijk ideaal voor het beleid, de uitvoering daarvan en de organisatie van het openbaar bestuur? Hoe stuurt de rechtsstaat de besluitvorming van beleids- en uitvoerende ambtenaren, welke organisatievormen stimuleren rechtsstatelijkheid en welke organisatievormen staan daar in de weg? Van 2005 tot 2010 was hij naast de toen parttime-aanstelling aan de universiteit als directeur Algemene Justitiële Strategie verbonden aan het toenmalige Ministerie van Justitie. Daarvoor was hij in verschillende functies werkzaam aan de Tilburgse universiteit en Publiek Domein BV. Vanaf 1 januari 2011 is hij lid van de commissie.

Mevr. drs. G.M. (Marriët) Mittendorff (Lid)

Benoeming t/m 31 december 2017

Marriët Mittendorff begon haar loopbaan, na de studies klinische pedagogiek en onderwijskunde, als landelijk adviseur voor het onderwijs. Vanaf 1992 vervulde ze een aantal bestuursfuncties, gerelateerd aan het onderwijs, sport of politiek. In 1994 werd ze lid van de gemeenteraad in Eindhoven. Ze was ook voorzitter van de CDA-vrouwen in Brabant en vice-voorzitter a.i. van het CDA. Van 2002 tot 2010 was ze locoburgemeester en wethouder Jeugd en Gezin van de gemeente Eindhoven. In die tijd was ze o.a. verantwoordelijk voor forse bezuinigingen, de bouw van het Pieter van den Hoogenband Zwemstadion, ontwikkeling van onderwijsbeleid naar jeugdbeleid, inclusief bijbehorende gebouwelijke ontwikkeling voor primair en speciaal onderwijs en voor VMBO, de ontwikkeling van het eerste Centrum voor Jeugd en Gezin in Nederland, het positioneren van Eindhoven als designstad en een vernieuwd cultuurbeleid. Na acht jaar wethouder te zijn geweest, verruilde ze dat bestaan met het ondernemerschap en werd ze zelfstandig adviseur en mediator. In 2011/2012 was ze een periode waarnemend burgemeester van Ommen en momenteel is ze dat in Heumen. Ook maakt ze deel uit van een aantal raden van toezicht c.q is ze commissaris. Vanaf 1 januari 2011 is ze lid van de commissie.

Dhr. drs. ing. G. (Ger) Jaarsma (Lid)

Benoeming t/m 31 december 2017

Ger Jaarsma (1968) is voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Makelaars en Taxateurs in onroerende goederen NVM. Hij is daarnaast commissaris bij Rabobank Leeuwarden-Noordwest Friesland, bij Omrop Fryslân en bij IMK Intermediair. Ger Jaarsma is landelijk penningmeester van de VVD. Van 2002 tot 2009 was hij directeur-bestuurder van de Gemeenschappelijke Kredietbank van Friesland, van 2009 tot 2016 was hij directievoorzitter van Kredietbank Nederland. Daarnaast was hij van 2005 tot en met 2010 voorzitter van de vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren (NVVK). Ger Jaarsma is sinds 1 mei 2012 lid van de commissie.

Mevr. mr. J.B. (Bea) Irik (Lid)

Benoeming t/m 31 december 2017

Bea Irik (1956) was tot 1 januari 2016 werkzaam als zelfstandig adviseur. Bea was en is actief in diverse bestuur- toezicht -functies in de zakelijke en sociale dienstverlening (NUON, Alliander, Crediam, Centram, Stadsarchief Amsterdam). Bea is jurist met als aandachtgebieden lokaal sociaal beleid, zorg, energie en governance. Zij is werkzaam geweest als sociaal juridisch hulpverlener, als manager bij Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid van de gemeente Den Haag en in de care sector. In Amsterdam was zij politiek actief als raadslid, fractievoorzitter en wethouder. Vanaf 1 april 2013 is ze lid van de commissie.

 

Secretariaat Toetsingscommissie

Drs. P.M.C. Janssen (Secretaris)

E-mail: toetsingscommissie@minszw.nl.

Tel.: 070 - 333 6000
Postbus 91546
2509 EC Den Haag

Bij voorkeur alle correspondentie per e-mail. Alle formulieren kunnen nog alleen digitaal en per e-mail worden ingediend, vanwege de digitale verwerking.

Taken secretaris

De secretaris van de commissie heeft de volgende taken:

  • Voorbereiding en uitwerking van de adviezen van de commissie, zowel ten aanzien van de procedurele als de formele aspecten.
  • Voorbereiding en uitwerking van de zienswijze van de commissie ingeval van een ingediend bezwaarschrift of beroepschrift.
  • Secretariaatstaken (voorbereiden vergaderingen van de commissie en verslaglegging daarvan).
  • Informatievoorziening aan gemeenten en het beantwoorden van vragen.
  • Opstellen van het jaarverslag van de commissie.
  • Onderhouden van contacten met de Inspectie SZW, de Rfv, VNG en Divosa.

Speciale bevoegdheid secretaris:

Hoewel niet uniek, is de in de Participatiewet opgenomen constructie met betrekking tot het indienen van en het beslissen op verzoeken om aanvullende uitkering wel bijzonder. Het verzoek moet immers worden ingediend bij een ander (de Toetsingscommissie vangnet Participatiewet) dan de beslissingsbevoegde (de minister van SZW). Bij besluit van 20 juli 2005 (Stcrt 2005, nr. 143) is de secretaris van de commissie gemachtigd om namens de minister van SZW een termijn te stellen indien een gemeente in de gelegenheid wordt gesteld haar onvolledig verzoek aan te vullen. Van een onvolledig verzoek is bijvoorbeeld sprake indien het niet voldoende is onderbouwd of verplichte voorgeschreven bijlagen niet zijn meegezonden.

De secretaris van de commissie hanteert standaard een termijn van 2 weken.

Jaarverslagen

De jaarverslagen van de commissie treft u hieronder aan.